Deze website gebruikt cookies. Ik ga akkoord met de privacy policy
OK
Dierenwelzijn

Waarom ‘domme kiekens’ lekkerder smaken

Wie vaak een ‘kieken’ genoemd wordt, gaat er doorgaans van uit dat dit geen compliment is voor zijn intellectuele vermogen. Maar zijn kippen echt zo dom als wij denken? Gedragsbiologen menen dat kippen beschikken over zelfbeheersing, inlevingsvermogen en een persoonlijkheid.

Melissa Vanderheyden

Wetenschapsjournalist met een master in de evolutie- en gedragsbiologie.

Luid kakelend en met veel geflapper vluchtte de wilde kip de struiken in. De twintig meter tussen ons zou ik nog niet met een steen kunnen overbruggen, maar de kip nam geen risico. Kippen spotten in het wild is zoals je voormalige leerkracht tegenkomen op café: behoorlijk contra-intuïtief. Maar rode kamhoenders, de voorouders van onze boerderijkip, leven in de Aziatische jungle nog vrij en blij. Domme beesten, dacht ik tijdens die eerste ontmoeting. Aanvankelijk had ik haar niet eens gezien, maar met het circus dat ze opvoerde wist plots de halve jungle dat er een lekker kippetje in de struiken zat. Logisch dus, dat de domheid van kippen spreekwoordelijk is. Of is dat slechts schijn? 

Psychologen vroegen een groep studenten om een lijst met diersoorten twee keer te rangschikken: eerst op basis van smaak, dan op basis van intelligentie. Qua smakelijkheid stak de kip met kam en vleugels boven de rest uit. Op vlak van intelligentie daarentegen, scoorde ze lager dan de andere ‘lekkere’ dieren. Ze belandde ergens halverwege tussen vis en rund. Konijnen, ratten en mollen werden slimmer geacht. 

Dat verklaart deels waarom we kip zo graag – en veel – eten. Wetenschappelijk onderzoek toont immers een verband aan tussen hoe slim we een dier achten en hoe moreel we erbij betrokken zijn. Met andere woorden: om de eetlust niet te bederven, weten we liever niet hoe slim onze chicken nuggets ooit waren.

We weten liever niet hoe intelligent de kippen in onze nuggets waren.

Hanen liegen

En dat is jammer, want zo gaan er veel leuke weetjes aan onze neus voorbij. Bijvoorbeeld dat kippen verschillende alarmsignalen hebben voor roofvogels en roofdieren op de grond. Kippen die elkaars kreten horen, reageren dan ook gepast. Bij een roofvogel-alarm zoeken de hennen beschutting onder de struiken, terwijl ze na wasbeer-alarm hun nek uitsteken en rondkijken. 

In totaal bestaat hun repertoire uit minstens 24 geluiden. Daarbij horen ook signalen die de hanen maken om hun hennen te laten weten dat er iets lekkers te rapen valt. Omdat ook bij pluimvee de liefde door de maag gaat, oogsten hanen die vaak eten vinden meer succes bij de vrouwtjes. Helaas voor de hennen zijn sommige hanen niet van de eerste leugen gebarsten. Met een onterechte ‘etenstijd!’, lokken ze het vrouwvolk, in de hoop met eentje de struiken in te kunnen duiken. De hennen hebben dat spelletje na verloop van tijd door en negeren het geroep van een regelmatige leugenaar.

Een haan (Gallus gallus ) kijkt naar zichzelf in de spiegel.

Denk na voor je kakelt

De vraag is of dat soort gedrag bewijst dat kippen kunnen nadenken. ‘Eten!’ roepen bij het zien van voedsel, kan gewoon aangeboren zijn, net zoals af en toe roepen wanneer er nergens eten te bespeuren valt. “Zogenaamde foodcalls zijn heel eenvoudig. De kippen zien eten en ze roepen. Maar het is ingewikkelder voor een haan die niet bovenaan de hiërarchie staat. Als die met een foodcall de hennen lokt, valt dat niet in goede aarde bij een dominante haan. Die wil de dames niet delen met een rivaal en komt hem de bek snoeren. 

Uit experimenten blijkt dat de ondergeschikte haan daaruit leert. In de toekomst roept hij enkel wanneer de dominante hanen ver weg en de hennen dichtbij zijn. Of hij roept stiller. Die reactie is dus veel complexer. Het toont aan dat de haan leert uit zijn ervaringen en dat hij verschillende aspecten tegen elkaar afweegt om een besluit te vormen: wel, niet of stiller roepen.” Aan het woord is Hanne Løvlie, gedragsbiologe aan de Universiteit van Linköping in Zweden. Samen met haar doctoraatsstudente Laura Garnhem schreef ze een overzichtsartikel over het gedrag en de intelligentie van kippen. 

Hanen maken die complexe afwegingen niet alleen na een opdonder van hun meerdere. Ook als ze een roofdier bespeuren, denken ze twee keer na voor ze kakelen. Door langer te roepen kunnen ze immers meer groepsgenoten waarschuwen, maar trekken ze ook de aandacht van het roofdier. Daarom slaken hanen alleen lange kreten wanneer een bosje hen aan het oog onttrekt. Hennen slaan dan weer slechts alarm voor kleine roofvogels wanneer hun kuikens zelf nog klein zijn. Voor grotere kuikens en volwassen kippen vormen die kleinere roofvogels immers geen gevaar.  

“Je kan een kip leren kiezen tussen kort wachten op een bescheiden beloning en langer wachten op iets beters. Studies tonen aan dat een kip best in staat is om te wachten op de jackpot”

Inlevingsvermogen en persoonlijkheid

Daar blijft het volgens Løvlie en Garnhem niet bij. Kippen zouden zich zelfs in een ander kunnen inleven en beschikken over een echte persoonlijkheid. Garnhem haalt er een studie bij over het inlevingsvermogen van hennen die hun kuikens voedsel zien eten dat ze zelf al proefden, en dat bitter smaakte. 

“Zelfs als de kuikens geen tekenen van ongemak vertonen, probeert de moeder hen te doen stoppen met eten. De hen kan haar eigen ervaring dus toepassen op wat ze ziet bij de kuikens en dat op hen projecteren; die brokjes smaakten bitter, dus misschien maken ze mijn kuikens ziek”, aldus Løvlie.  

Persoonlijkheid, volgens de biologische definitie, kan je aantonen door op zoek te gaan naar consistente karaktereigenschappen zoals verkenningsgedrag en agressiviteit. “We zien dat de karaktereigenschappen van dezelfde kip constant blijven over verschillende experimenten heen. Er is ook minder variatie tussen het gedrag van één kip, op verschillende momenten in haar leven, dan er is tussen het gedrag van verschillende individuen”, zegt Garnhem. 

Net zoals bij mensenbaby’s, erven kuikens sommige karaktereigenschappen van hun ouders. Hun persoonlijkheid bepaalt ook deels de plek in de pikorde. Zo klimmen agressieve hanen hoger op de sociale ladder. Een andere bekwaamheid die de kip met ons deelt – maar ook met onder meer primaten en kraaien – is het vermogen tot zelfcontrole. 

Garnhem legt uit: “Je kan een kip leren kiezen tussen kort wachten op een bescheiden beloning en langer wachten op iets beters. Studies tonen aan dat een kip best in staat is om te wachten op de jackpot.” Daarmee bewijst de kip dat ze minder impulsief is dan een vierjarige kleuter.

“Wanneer uitheemse of fictieve diersoorten gegeten worden door verre of onbestaande volkeren, vinden we dat intelligente dieren onze morele betrokkenheid verdienen. Voor dieren die in onze eigen pot belanden, is intelligentie plots veel minder belangrijk”

Geen slimme tapirs in de pot

De lijst van vaardigheden is te lang en intrigerend. De vraag is of die inzichten ook iets betekenen voor vrienden van de vol-au-vent. Volgens psychologen schatten we de kip graag dommer in dan ze is, om ons geweten te sussen. Dat verklaart de zogenaamde vleesparadox: we eten graag vlees hoewel we het tegelijkertijd zielig vinden voor de dieren. Daarbij hoort ook de voorkeur voor verwerkt vlees, zonder herkenbare delen, en voor gerechtnamen die niet letterlijk verwijzen naar het dier. 

Volgens een wetenschappelijke studie vertellen we onszelf graag dat dieren uit de vleesindustrie niet zo intelligent, gevoelig of sociaal zijn als een hond of een kat. Daaruit volgt zelfs de veronderstelling dat ze minder pijn ervaren. 

Of dat omgekeerd ook klopt en dat al wie overtuigd is van het intellectuele vermogen van Hennie de kip haar minder gemakkelijk aan het spit zal rijgen? Dat klopt helaas niet, stellen psychologen vast. Hoewel velen het idee om een ‘denkend dier’ op te eten weerzinwekkend vinden, blijkt kennis niet eenvoudig om te zetten in daadkracht. 

Jared Piazza en Steve Loughnan, van de Universiteit van Lancaster en de Universiteit van Edinburgh, onderzochten of informatie over de intelligentie van een dier onze morele houding verandert. Tijdens hun experiment gold dat inderdaad voor diersoorten die de proefpersonen niet zelf aten. Tapirs staan op het menu in Azië en Zuid-Amerika, terwijl de verzonnen ‘trablans’ verorberd worden door een fictief buitenaards volk. De proefpersonen vonden het niet oké om de tapirs of trablans zelf op te eten, toen bleek dat het intelligente soorten waren. Voor varkens gold dat echter niet; slimme varkens wekten niet beduidend meer medeleven op dan domme. 

Vervolgens testten de onderzoekers of de proefpersonen dachten dat iemand anders zich wél schuldig zou voelen na het lezen van een tekst over de intelligentie van varkens. Dat klopte inderdaad. Proefpersonen die antwoordden vanuit het perspectief van een derde persoon, ‘John’, gaven schuldgevoel aan. Dat gold in veel mindere mate voor wie antwoordde vanuit het eigen perspectief. 

“Wanneer uitheemse of fictieve diersoorten gegeten worden door verre of onbestaande volkeren, vinden we dat intelligente dieren onze morele betrokkenheid verdienen. Voor dieren die in onze eigen pot belanden, is intelligentie plots veel minder belangrijk”, besluiten Piazza en Loughnan. 

“Een kip leeft van nature in sociale groepen van maximaal dertig individuen, die ze allemaal herkent. Dat ze in de pluimveehouderij moet samenhokken met duizenden soortgenoten zorgt dan ook voor stress”

Belachelijk goedkoop kippenvlees

Løvlie hoopt toch dat meer inzicht in het innerlijke leven van de kip ons overtuigt om het leven van leg- en vleeskippen aangenamer te maken. “Een kip leeft van nature in sociale groepen van maximaal dertig individuen, die ze allemaal herkent. In de pluimveehouderij moet ze daarentegen samenhokken met duizenden soortgenoten. Het is stressvol om voortdurend onbekenden tegen te komen. Vergelijk het met het winkelcentrum tijdens de kerstinkopen. 

Dat kan misschien opgelost worden door de hokken op te delen in segmenten, of met kleuren verschillende gebieden aan te geven. Zo kan de kip zich oriënteren en ervoor kiezen om in een bepaalde groep te blijven. We hopen dat, door studies zoals de onze, men meer gaat nadenken over het dierenwelzijn. Kippen zijn geen gevoelloze planten. Er bestaan initiatieven waarbij de consument meer geld neertelt voor vlees van een dier dat een beter leven had, maar over het algemeen blijven kippenvlees en eieren belachelijk goedkoop."

Comments

Draag bij en deel hier je kennis & ervaring. Of stel een vraag.

Bronvermelding